Onderzoek uitgelegd
Wat is de gemiddelde reactietijd van een mens?
Bij een eenvoudige visuele computertaak is een reactietijd van enkele honderden milliseconden gebruikelijk. Eén universeel gemiddelde bestaat niet: taak, leeftijd en meetapparatuur veranderen de uitkomst.
In een groot onderzoek met 1.469 volwassenen was de gemiddelde gemeten simpele visuele reactietijd 231 ms. Na correctie voor de geschatte computervertraging was dat 213 ms. Gebruik die waarden niet als exacte norm voor een willekeurige browsertest: jouw systeem voegt een andere vertraging toe.
“Reactietijd” is geen enkele vaste vaardigheid
Bij een simpele reactietaak is er één bekend signaal en één bekende reactie: klik zodra een vlak verandert. Bij een keuzereactietaak moet je eerst beslissen welke reactie bij welk signaal hoort. Die extra keuze kost doorgaans tijd. Een reactie op geluid is bovendien niet rechtstreeks vergelijkbaar met een reactie op beeld.
Daarom kan een artikel met een gemiddelde van 220 ms en een ander met 300 ms allebei correct zijn, terwijl ze verschillende taken, deelnemers of apparaten gebruikten.
In onze vergelijking van simpele en keuzereactietijd zie je welke extra selectiestap een taak met meerdere mogelijke reacties bevat.
Wat vond het grote onderzoek van Woods?
Woods en collega’s onderzochten in 2015 simpele visuele reactietijd bij 1.469 volwassenen van 18 tot 65 jaar. Deelnemers reageerden met een muisklik op een rood vierkant. De gemiddelde ruwe tijd was 231 ms. De onderzoekers maten hun computergestuurde systeem apart en schatten een vertraging van 18 ms; de gecorrigeerde gemiddelde reactietijd kwam daardoor op 213 ms.
| Waarde uit Woods et al. | Uitkomst | Betekenis |
|---|---|---|
| Deelnemers | 1.469 | Volwassenen van 18–65 jaar in deze specifieke studie |
| Gemeten gemiddelde | 231 ms | Mens plus vertraging van de onderzoekscomputer |
| Geschatte systeemvertraging | 18 ms | Apart gemeten voor die opstelling |
| Gecorrigeerd gemiddelde | 213 ms | Onderzoeksschatting na aftrek van systeemvertraging |
Dit is nuttige context, maar geen percentieltabel voor HumanAverage. De taak lijkt op onze test, terwijl de hardware, browseromgeving, selectie van deelnemers en het aantal pogingen verschillen.
Hoeveel vertraging voegt een browser toe?
Daar is geen vast antwoord op. De Leeuw en Motz vergeleken in 2016 JavaScript met speciale laboratoriumsoftware. In hun opstelling waren JavaScript-reactietijden gemiddeld ongeveer 25 ms langer, terwijl de variatie vergelijkbaar was. Dat getal geldt niet automatisch voor jouw telefoon of laptop; het laat vooral zien dat de meetketen ertoe doet.
Lees voor hardwaremetingen aan computers en 26 smartphones de verdieping over scherm-, invoer- en browservertraging.
Bij een browsertest kunnen onder meer deze stappen vertraging of variatie toevoegen:
- de browser plant de visuele verandering in;
- het scherm toont die verandering bij een volgende verversing;
- je oog en zenuwstelsel verwerken het signaal;
- je maakt de beweging;
- muis, toetsenbord of touchscreen registreert de invoer;
- besturingssysteem en browser leveren het invoerevent af.
Wat doet leeftijd met reactietijd?
In het onderzoek van Woods nam de gemiddelde simpele reactietijd geleidelijk toe met leeftijd. De geschatte helling was ongeveer 0,55 ms per jaar binnen de onderzochte leeftijdsgroep. Dat is een groepsverband, geen voorspelling voor één persoon. Individuele verschillen en de variatie binnen iedere leeftijdsgroep zijn veel groter dan het verschil van één levensjaar.
Een leeftijdstabel die zonder vergelijkbare taak, apparatuur en steekproef een precieze “norm” belooft, suggereert daarom meer zekerheid dan het onderzoek rechtvaardigt.
De volledige gepubliceerde groepswaarden staan in reactietijd per leeftijd, met uitleg over wat je er wel en niet uit kunt afleiden.
Waarom gebruikt HumanAverage vijf metingen en de mediaan?
Eén poging kan toevallig uitzonderlijk snel of langzaam zijn. De eerste poging bevat bovendien vaak gewenning. HumanAverage laat je vijf geldige pogingen doen en sorteert ze; de middelste tijd is je mediaan. Bij 210, 218, 225, 240 en 410 ms is de mediaan bijvoorbeeld 225 ms, terwijl het gemiddelde door de uitschieter ongeveer 261 ms wordt.
Vijf metingen maken de test niet wetenschappelijk volledig, maar geven een stabieler beeld dan één losse klik. Voor een persoonlijke vergelijking is het zinvoller om meerdere sessies op hetzelfde apparaat en onder vergelijkbare omstandigheden te doen.
Zo lees je je eigen uitslag
- Zie de score als een combinatie van jou én je huidige meetopstelling.
- Vergelijk vooral met eerdere sessies op hetzelfde apparaat en met dezelfde invoermethode.
- Kijk naast de mediaan ook naar de spreiding; grote verschillen kunnen op afleiding of technische variatie wijzen.
- Trek geen medische conclusie uit een hoge of lage uitslag.
Bronnen
- Woods, D. L. et al. (2015). Factors influencing the latency of simple reaction time. Frontiers in Human Neuroscience, 9, 131. Open de publicatie.
- de Leeuw, J. R. & Motz, B. A. (2016). Psychophysics in a Web browser? Behavior Research Methods, 48, 1–12. Open de publicatie.
Cijfers hierboven komen uit de genoemde onderzoeken, niet uit bezoekersgegevens van HumanAverage. HumanAverage ontvangt of bewaart je testscore niet.